Waarom trainen niet werkt

Ken je dat? Je gaat naar een training om beter te leren communiceren, leiding te geven of om je tijd beter te managen. Tijdens de training denk je nog “hé, dit werkt echt!“ en je neemt je voor alles wat je leert ook in de praktijk toe te passen. Je ziet een gouden toekomst voor je waarin geen communicatieproblemen meer bestaan, je zo goed leiding geeft dat alles op rolletjes loopt en je zeeën van tijd hebt doordat je geweldig getraind bent in je timemanagement... 
Helaas, de harde werkelijkheid is anders. De eerste week probeer je nog het één en ander, maar na een paar weken weet je al nauwelijks meer dat je naar een training geweest bent. De waan van de dag heeft gewonnen.
 
Natuurlijk, er zijn situaties waarin trainen wel werkt. Ik heb een paard, een draver, die het een tijdje goed gedaan heeft op de drafbaan. Dat was natuurlijk alleen mogelijk omdat zij goed getraind was. In de sport presteer je niet zonder heel intensief te trainen en misschien is het daardoor dat we trainen als oplossing zien voor alles waar we niet goed in zijn.
 
Trainingen in het mentale domein hebben echter een laag rendement, heel erg laag. Dat wordt vaak een beetje verdoezeld en dat lijkt vreemd. De trainer heeft er misschien geen baat bij om het toe te geven - hij zou zijn eigen werk onderuit halen - maar van de opdrachtgever zou je toch verwachten dat hij kritisch is op het resultaat? Niet dus! Hoe dat komt, daar kom ik later op terug.
 
Vanuit een neuropsychologisch- en gedragswetenschappelijk gezichtspunt is het volkomen logisch dat deze trainingen niet (goed) werken. En het goede nieuws is, de wetenschap geeft ook aanknopingspunten hoe we deze vraagstukken dan wel aan kunnen pakken. Deze kennis dringt alleen nauwelijks door tot het domein van trainers en coaches. En ook dat is logisch volgens dezelfde wetenschap.
 
Kort geleden was ik op een prachtig congres over de grote vraag “Bestaat de vrije wil?”. Ik was getuige van een wetenschappelijke match met maar liefst negen vooraanstaande wetenschappers in de ring en met als spetterende finale de battle tussen onze eigen neurobioloog prof. dr. Dick Swaab (auteur van 'Wij zijn ons brein’) en filosoof prof. dr. Daniel Dennett (auteurs van vele boeken waaronder ‘Breaking the Spell’). Je zou verwachten dat zoveel kennis en zo’n grote vraag een mega magneet zou zijn voor alle trainers in de wereld op het gebied van menselijk gedrag, communicatie, leiderschap en marketing, maar… het congres werd gehouden in de kleine zaal van de Philharmonie in Haarlem. En zelfs die zaal was lang niet vol. En juist in die vraag - bestaat de vrije wil - ligt het probleem en de oplossing van de niet functionerende trainingen.
 
Zo maar even een paar wetenschappelijke feitjes:

  • Een serieus voornemen van iemand is nauwelijks een voorspeller van wat die persoon werkelijk wel of niet gaat doen, maar met een hersenscan (fMRI) zou die voorspelling wel gedaan kunnen worden. M.a.w. ons brein weet wel wat we gaan doen, maar ‘wij’ weten dat niet.
  • Wij nemen 95% van onze beslissingen onbewust en verklaren die pas achteraf met ons bewuste denken (als ons er naar gevraagd wordt). Wij geloven dan zelf dat we rationeel besloten hebben maar in werkelijkheid proberen we slechts ons ‘gedrag' goed te praten. Zeg maar alsof een verslaggever zijn die verslag doet van onze eigen actie.
  • Onze waarneming zoekt altijd naar ons gelijk en neemt daarom zeer selectief waar. We kunnen zelfs heel gemakkelijk dingen waarnemen die er niet zijn, alleen om onszelf te bevestigen. Daarom blijven trainers en opdrachtgevers dus ook geloven in de resultaten van de trainingen!
  • We verzamelen mensen om ons heen waarin we ons herkennen en creëren zo onze eigen wereld van ‘het gelijk’. We voelen ons door deze mensen ‘begrepen’, ze hebben aan ‘een half woord genoeg’. Hiermee houden we onszelf voor de gek en hoeven we niet te leren. Om deze reden kiezen vrouwen vaak voor een vrouwelijke trainer of coach, kiezen jongeren vaak voor jonge trainers etc. En daarom gaan trainers en coaches dus niet naar wetenschappelijke congressen maar discussiëren ze liever met elkaar in een LinkedIn-groep. Niet omdat zij hier het meest van leren, maar juist omdat zij hier het minst van hoeven te leren.

Dit klinkt waarschijnlijk allemaal niet zo leuk. Het betekent namelijk dat we veel minder verstandige en weldenkende wezens zijn dan dat we graag willen geloven. Maar ook dat is niet waar. We kunnen wel degelijk weldenkende mensen zijn. Punt is dat we dan eerst moeten accepteren hoe ons brein werkt. Het brein heeft namelijk hele goede redenen om zo te werken.
 
En het wordt nog beter: als we accepteren hoe ons brein werkt - hoe wij werken - dan kunnen we beginnen met daar gebruik van te maken om onszelf echt te ontwikkelen. Dan kunnen we een strategie gaan ontwikkelen om echt veranderingen in ons gedrag door te voeren. Voorbeelden van zulke strategieën zien we al gebruikt worden in de marketing, verkopers maken wel slim gebruikt van manipulaties van ons brein om zo ons koopgedrag te beïnvloeden. Dit zijn nog slechts de ‘gemakkelijke' strategieën die alleen onze snelle beslissingen (impuls aankopen) beïnvloeden, onze lange-termijn gedrag is een ietwat lastigere materie.
 
Eén kanttekening moet ik hierbij maken: we weten nog lang niet alles over ons brein. We zitten midden in deze prachtige zoektocht. Maar met wat we inmiddels wel weten kunnen we al heel veel. Daarvoor moet die kennis dan wel omgezet worden in nieuwe methoden.
 
En dat is precies wat wij doen bij de Nan Cuna groep. We volgen de ontwikkelingen in de gedragswetenschappen, de neuropsychologie en andere takken van de onderzoekspsychologie, zoeken naar samenhang hiertussen en waar we aanknopingspunten vinden ontwikkelen we nieuwe methoden en technieken voor gedragsverandering. 'Trainingen' wil ik het liever niet noemen, eerder nieuwe leerstrategieën en -systemen. (Daarom noem ik mezelf ook geen trainer, maar een leercoach.)
 
Wij zijn natuurlijk niet de enigen die hiermee bezig zijn, op het congres sprak ik bijvoorbeeld Ben Tiggelaar. Ben is vooral bekend van zijn 'MBA in een dag’ en columns in o.a. NRC. Ik heb met Ben samen gewerkt voor een gemeenschappelijke klant en ken hem vooral als bevlogen gedragswetenschapper met dezelfde passie als ik om vanuit de wetenschap echte en duurzame gedragsverandering tot stand te brengen. En zo zijn er gelukkig meer, al zijn we nog wel een kleine groep roependen in de woestijn.
 
Nog even terug naar de titel: is trainen dan echt onzin? Nee, ik denk het niet persé. Als je aan de voorwaarden voldaan hebt om je brein-processen vóór je te laten werken, en je hebt alles opgetuigd om je gedrag (qua communicatie, leidinggeven, tijdsbesteding etc) echt te veranderen (dan hebben we het dus over meer dan een verandering van mindset of mentaliteit), dan heb je natuurlijk ook nog die vaardigheden nodig. Die krijg je door te trainen. Daarom zetten ook wij in een compleet programma wel degelijk trainers in. Niet in het voortraject, maar wel in de tweede fase: de vaardigheidsfase. En het mooie is dat die trainingen dan ook heel snel tot resultaat leiden.
 
De titel van dit verhaal had overigens ook kunnen zijn ‘Waarom verandermanagement niet werkt’…
 
Peter Fekkes